Alles waar ik bang voor was

In Oezbekistan is het reizen gemakkelijk. Het weer is goed, de mensen zijn vriendelijk en de vrouwen steken elkaar de loef af met de mooiste jurken. Ik moet me ernstig beheersen om de bus niet vol te stouwen met prachtige katoenen en zijden ikat stoffen. Ik voel me ontspannen. Alles waar ik bang voor was, blijkt de toets van de ervaring niet te doorstaan.

OezbekistanDe angst om te weinig reservebanden te hebben, bijvoorbeeld: In de voorbereiding van de reis werd ons aangeraden een tweede reserveband mee te nemen. Ik leidde daaruit af dat het wel heel waarschijnlijk was dat we een band lek zouden rijden, maar kon geen manier bedenken om nog een band op, onder of in de bus kwijt te kunnen. Ondertussen hebben we 11672 km gereden, waarvan een groot gedeelte over beroerde wegen. Ik vloek elke keer als ik een gat niet kan ontwijken en de knal doet pijn, maar de banden doen het nog goed. Die ene band lijkt me genoeg reserve.

Of de angst om vast te komen te zitten: “A four wheel drive just takes you further from the nearest tractor”, hoorde ik van Max en Katja toen ik hun 4WD bewonderde. Die zin helpt me – er zijn wegen die we moeten overslaan. In Kazachstan lukte het me de bus na tien kilometer glibberig zandpad in het zicht van de grote weg vast te rijden in de modder. Een uur later trokken stoere Russen met een enorme all-terrain wagen ons de weg op en was het probleem opgelost.

De angst dat we zonder brandstof komen te staan: Voor we van Kazachstan de grens met Oezbekistan overgingen, maakte ik me veel zorgen over diesel, die in Oezbekistan nauwelijks te verkrijgen zou zijn. We vonden nog net een pomp zonder lange rij ervoor waar we onze tank konden vullen, maar een jerrycan was nergens te krijgen. In Oezbekistan konden we met de tank nog voor één derde vol in een dorp diesel krijgen die iemand aan huis verkocht. Verder staat er elke 500 km wel een pompstation waar ze diesel hebben.

Angst dat mijn kinderen kapot gaan: Als Ilva van een stoepje dondert en ik ‘knak’ hoor hou ik mijn adem in, maar gelukkig bleek Ilva op een houten fluitje te vallen en ook al roept ze hard dat haar been gebroken is, als er even later ijs te eten is, is er niets meer aan de hand. Ze zijn ook best verstandig, deze kinderen.

portrait

De angst voor gemene mensen en bijlmoordenaars in de bosjes: Tot nu toe zijn alle mensen die we tegenkomen aardig, vriendelijk, gastvrij en kan ik me overal veilig voelen. Zelfs de hitsige oude herders die me per se op hun ezeltje wilden tillen en waardoor ik net wat sneller en verontruster de berg afdaalde dan anders, waren te terughoudend om me kwaad te doen. Wildkamperen gaat steeds makkelijker – dat blijken steeds de beste nachten. Ook al lijkt de plaats verlaten, er is altijd wel iemand in de buurt. Een mannetje op een ezel, een herdersjongen die Engels leert en verhalen schrijft, een familie die ons uitnodigt voor een picknick.

Al die angsten die me achtervolgden, blijken tot nu toe onterechte zorgen. Wat doet dat met me? Het gaat geleidelijk, maar ik geloof dat het me veel lucht geeft, verlost van mezelf, ruimte geeft in lijf en hoofd. Dat ik meer kan rondklauteren, me verwonderend over de grote wereld, en zie hoe de kinderen zich die wereld eigen maken.

Betoverende façade (deel 2)
Betoverende façade (deel 1)

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*