Bergen met bloedworst, niet met bloedwraak

Een lach! Je bent in groen Spanje. Groen kon moeilijk anders met dat plensweer hier, maar die lach… Omdat ik altijd meer geïnteresseerd ben geweest in Karatsjaj-Tsjerkessië en andere Kleine Landen kende ik de slogan alleen van de verhalen van Jelle Brandt Corstius. Het kwam niet eens in me op om naar Spanje te gaan en nu we er waren leek een weekje Kaukasus ons een stuk verkwikkender. Na een gebroken nacht in Gibraltar lieten we een verregend Ronda voor wat het was. Het was met tegenzin dat we de spectaculaire kloof en de pueblos blancos Casares en Gaucin links lieten liggen, maar met mijn arm in de mitella had ik vast de hele afstand in de tweede versnelling af moeten leggen en onze huurauto zoop zo ook al genoeg. Eva vond rechtstreeks naar Güéjar Sierra in het Sierra Nevada gebergte rijden inspannend genoeg. En dat was nog buiten de kuren van Ilva gerekend.

Eindelijk mooi weer (EH)

Ons meisje maakte zich in Casa Rural Arroyo de la Greda al gauw onmogelijk. Net zoals een paar dagen eerder op het vliegveld van Almería stond Ilva te stampvoeten en te krijsen toen ze haar zin niet kreeg. En als ze in de contramine was, kwam ze er niet snel weer uit – hooguit werd ons nu het grote publiek bespaard dat haar gadesloeg toen Eva haar in de houdgreep de terminal binnendroeg. Rune trok zich weinig aan van het maximale volume van zijn zus en lag al gauw te slapen, maar ik vond het volgende uur niet het leukste van de vakantie. Andalusië mag dan bekend staan om zijn lovenswaardige keuken, maar denk maar niet dat je met twee kleine kinderen de kans krijgt hiervan te genieten. Als alternatief kwam Eva met pizza’s waarvan ze vond dat ze best in een magnetron opgewarmd konden worden.

De volgende ochtend kwam eindelijk die beloofde lach in Spanje. Het was zonnig, vanaf de ontbijttafel hadden we uitzicht over de besneeuwde toppen van Alcazaba en Mulhacen en het leek buiten heerlijk warm. “Maar pas op, het is nu pas 4 °C,” waarschuwde gastvrouw Julie. “Gisteren heeft het nog gesneeuwd.” Dat klonk niet te heet om eens lekker de bergen in te trekken. De Vereda de estrella leidde over hangbruggen en langs kastanjebomen. Buitenaards ogende bidsprinkhanen kropen over stenen langs het pad en onder ons kolkte de Genil door de vallei. De berglucht maakte hongerig, maar met de trek was het gauw gedaan bij het zien van mijn plato alpujarreño: papperige bloedworst, een wel erg snotterig ei, ham die smaakte alsof hij al maanden voorbij de uiterste houdbaarheidsdatum was en een vettige aardappelbrij. Het enige lekkere was de chorizo, die Ilva dan ook prompt inpikte. Waarom vraag ik me bij lokale specialiteiten toch altijd zo laat af waarom naam en faam lokaal zijn gebleven?

Balanceren met handicap (EH)

De culinaire ervaring mocht dan een milde tegenvaller zijn geweest, het Sierra Nevada was dat zeker niet. Uren lopen met Rune in de buikdrager of een kleine twintig kilo aan Ilva en bagage in de kinderdrager, een meisje dat steevast de lastigste stukken van het parcours uitzocht om te gaan zeuren dat ze nu – niet straks maar nu – uit de kinderdrager moest; het was nog leuker dan het klinkt. Onze auto in Monachil parkerend konden we er niet onderuit dat we in West-Europa waren. De routebeschrijving was in perfect Engels en zelfs voorzien van foto’s om twijfel op ambigue punten te voorkomen. En Eva waarschuwde me in Spanje telkens weer de tassen niet uit het oog te verliezen. Fijn dat we binnenkort weer naar de Balkan mogen om te verdwalen in bergen met bloedwraak en met wildvreemden een glas raki te drinken, maar de prachtige kloof waar we even later door liepen compenseerde voor het gebrek aan avontuur. De vakantiefoto’s stuur ik maar niet naar mijn chirurg: op handen en voeten kropen we onder overhangende rotswanden door en daar waar het me echt niet lukte waadde ik met Ilva op mijn rug door de koude bergrivier. Hoog boven onze hoofden leken weinig stabiel ogende rotsformaties elk moment naar beneden te kunnen storten.

De verlaten weg hoog boven het stuwmeer Embalse de Canales terug naar Güéjar Sierra was met haarspeldbochten, geiten en bijeneters interessant, maar volgens mij bedoelde Julie met ‘interessant’ dat het niet de snelste route was en dat hij niet bepaald aan te raden was. In dat geval was ons ritje naar het Alhambra in Granada de volgende ochtend veel interessanter. De Duitse toeristen die ook in Casa Rural Arroyo de la Greda verbleven hadden al vergeefs anderhalf uur in de rij staan wachten om het Moorse paleizencomplex binnen te mogen. Wij waren twee maanden eerder net op tijd om enkele van de laatste kaartjes voor die doordeweekse ochtend te bemachtigen. Nadeel van die laatste kaartjes was dat we stipt om half negen al voor de ingang van de Palacios Nazaríes moesten staan. Aangezien er werd aangeraden een uur tevoren je kaartjes op te halen betekende dat al om zeven uur vertrekken uit Güéjar Sierra. Met twee kinderen en de bagage in de auto, want nadien zouden we doorrijden naar Almería. Stonden we om half negen niet braaf in de rij tijdens onze time slot, dan zouden we het Mexuar, Serallo en de Harem niet binnenkomen.

Misschien had ik het principe van time slots beter uit moeten leggen aan Eva, want toen het inpakken voorspoedig liep besloot ze dat we nog wel een kopje thee konden drinken alvorens naar Granada te rijden. En omdat de thee goed smaakte schonk ze nog eens in, om vervolgens flink gestrest in de auto te stappen. Na in de rij te hebben gestaan voor gratis kinderkaartjes en de wandelwagen af te hebben gestaan, werd het hek speciaal voor ons nog even geopend. Het architectonische hoogtepunt van islamitisch Al-Andalus was alle consternatie meer dan waard. Binnen vijftien maanden mocht ik me vergapen aan de Hermitage in Sint Petersburg, de Aya Sofya in İstanbul en nu het Alhambra in Granada – een indrukwekkend rijtje dat niet helemaal terecht doet vermoeden dat het op cultureel vlak allemaal wel snor zit met mij – en het paleizencomplex hier in Andalusië was zo mogelijk het meest overweldigende van de drie. Minutieuze houtgravures en beeldhouwwerk sierden plafonds en muren; Arabische teksten leken elke vrije millimeter te decoreren.

Aanschouw de glorie van Al-Andalus (EH)

Waar de zachtjes deinende, groene wateren van vijvers de geraffineerde vormen van het Patio de los Arrayanes en het Palacio del Partal weerspiegelden en de witte bergtoppen van het Sierra Nevada in de verte voor een sprookjesachtige omkadering zorgden, weerkaatsten de ondoordringbare muren van het Alcazaba het felle zonlicht haast meedogenloos. Vanaf de hoge torens en de massieve muren van het fort, die Ilva zoals we van haar gewend zijn zelf en zonder hulp wilde beklimmen, keken we uit over de heuvels waarop Granada was gebouwd. Omdat de islamitische architecten, wiskundigen en meesterbouwers ervoor kozen de trappenhuizen nogal smal te houden en omdat er dagelijks maximaal 8.400 bezoekers het Alhambra binnen mogen, leidde Ilva’s gedrentel bij enkele honderden toeristen vast tot de nodige frustraties. Het Palacio de Carlos V en de Iglesia de Santa María van na de Reconquista vielen in het niet bij de culturele rijkdom uit de 14e en 15e eeuw, maar het Palacio de Generalife met zijn frivole waterpartijen en weelderige tuinen vormde een waardige afsluiting van ons bezoek aan het Alhambra.

“En gaan we dan naar huis?” vroeg Ilva elke dag van onze vakantie, maar nu we terugreden naar het vliegveld wilde guapa nog wel wat langer in Spanje blijven. Onderweg in Guadix probeerde Rune, die zich verder toch voorbeeldig had gedragen, onze laatste poging iets van de Andalusische keuken mee te krijgen te dwarsbomen door een keel op te zetten in een tapasbar vlakbij de achterlijk grote kathedraal. Guadix was maar een vreemd stadje, waar zo’n drieduizend mensen in grotten in de zandkleurige heuvels woonden. De Barrio de las cuevas had veel weg van de omgeving waar de Jawa uit Star Wars zich ophielden, maar robots werden hier helaas niet verkocht. Door nog maar eens een filmlandschap reden we naar Almería, maar voor een bezoekje aan de filmstudio’s waar in de jaren ’60 en ’70 talloze spaghettiwesterns werden opgenomen (technisch gezien eerder paellawesterns) hadden we geen tijd meer. Net als onze vakantie eindigden de stoffige heuvels van de Desierto de Tabernas abrupt aan de Costa del Sol. Ilva had gelijk – het duurde allemaal veel te kort.

New Kids Nitro
Mijden als de pest

1 Comment

  1. leuk hoor om zo geciteerd te worden, mooi verslag van jullie vakantie!

    groetjes,
    Julie

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*