Het is Bladel niet

Weer zagen we vanuit de bus onklaar gemaakte stukken rails doordat er asfalt overheen was gegroeid. De stations hadden soms al jaren een andere functie gekregen, maar meestal niet. Het antwoord op de vraag waarom hier niemand per trein of bus reisde vonden we op straat. In Coimbra (spreek uit ‘Kwiembrah’) stond alles tjokvol geparkeerd met auto’s. Tot en met doodlopende straten aan toe. Hoe deze automobilisten hun auto hier nog ooit uit moesten krijgen was ons een raadsel: tussen auto’s en huizen en tussen auto’s onderling lagen veelal niet meer dan twintig centimeters onbenutte ruimte.

Mooier dan de B-faculteit (EH)

Op een terras was het wachten geblazen op Miguel, de Portugese penkameraad van Eva. Net als ons mocht hij graag naar een deuntje black metal luisteren en om het zoeken naar elkaar te vereenvoudigen had ik mijn fraaie Vintersorg-langmouw aangetrokken. Feitelijk geen black metal, maar meer Viking-georiënteerd met black-invloeden. Maar we waren hier niet in Bladel – op het terras zat verder niemand met zelfs maar een beetje zwarte kleren. In Portugal houden de mensen meer van salsa, samba en voetbal. En van daken van campers dweilen, niet te vergeten.

Miguel, getooid met vies baardje en nog viezer aan de zijkanten kortgeschoren haardracht, had dan ook weinig moeite ons te vinden. Net als zijn vriendin Ana studeerde hij aan de uit 1290 daterende universiteit. De middeleeuwse gebouwen hiervan in het autoloze centrum zagen er wel blits uit, maar het hoogtepunt van onze toeristische rondleiding langs de eeuwenoude kathedralen en rijke parken met palmbomen en azuurblauwe tegels van de voormalige hoofdstad van Portugal was zonder twijfel de universiteitskantine.

Zo is Delfts blauw nog best mooi (EH)

Bacalhau kenden we al: de Portugezen kennen honderden manieren om stokvis te bereiden. In tegenstelling tot de ene manier die de vader van Eva kent, zijn vrijwel al deze gerechten lekker. Tot nu toe hadden we niet te klagen over de Mediterrane keuken, maar deze kantine sloeg ons met stomheid. Voor nog geen twee euro had je hier een uitstekende warme maaltijd. Ik bestelde de rijstschotel met eend en ander vlees en kreeg een flink bord vol. Voordat de man met de grote pollepel me het bord overhandigde keek hij me eens keurend aan. Omdat mijn hoofd een stuk hoger zat dan de plaats waar hij gedacht had dat ik ophield kwakte hij nog een schep op het toch al volle bord. “Bom proveito!”

Sympathiek, dus hij kreeg van mij een “Obrigado!” terug. Tevreden keek ik naar mijn rijk bedeelde bord. En dan te bedenken dat dit pas de eerste warme maaltijd van de dag was. Ik hou wel van landen waar vier keer per dag gegeten wordt. Ana en Miguel vonden dat ik veel at, maar ik werd ook wel erg in de verleiding gebracht. Wat een rare mensen, die Portugezen. Als je zo lekker kookt, dan hoef je toch niet met mate te consumeren? Onze buren in het goedkope hotelletje dachten er hetzelfde over als ik, maar waar ik al het lekkers nog even binnenhield, kwam het er een deur verderop met veel bombarie aan de verkeerde kant uit.

Haha, een paarse broek (EH)

Het was vrijdag en na ons verbaasd te hebben over zowel de kwantiteit als de afmetingen van de hamers en sikkels die het straatbeeld van Coimbra tooiden (de verkiezingen naderden) namen we in de middag de bus naar Leiria, samen met Ana en Miguel. Weekend! Het fraaie stadswapen van Leiria kwam me onlangs in een geschiedenisles die ik op de basisschool gaf nog mooi van pas, maar verder was er in deze districtshoofdstad weinig te zien. Gelukkig stond de vader van Miguel al op ons te wachten. Het kasteel was mooi verlicht, maar Marinha Grande had een heel andere bezienswaardigheid: de slaapkamer van Diana, Miguels jongere zusje.

De kleuren roze, wit en diverse pasteltinten vielen ons vanaf alle kanten aan. Een suikerzoete meisjeskamer zoals je die van jonge zusjes verwachtte, met één uitzondering: de cd-verzameling en bijbehorende foto’s van oldschool heavy metal bands. Kerels met lange matten en korte pony’s staarden ons vanaf het nachtkastje aan en Diana’s fascinatie wat betreft dode dieren was intrigerend. Dit was geen lief meisje. Nou ja, eigenlijk toch wel, want in zo’n roze bed mochten Eva en ik niet eerder verpozen. En ‘s avonds gingen we het kleine meisje samen met haar grote broer ophalen in de kroeg. Onderweg daarheen bleek dat Miguel een stuk gevaarlijker was dan Diana. Onze doodsangsten vatte Miguel samen in één enkele zin: “The Portuguese are not the worst drivers in the world, but they are definitely the most dangerous.” We waren gewaarschuwd.

Niet te lang genieten
Weinig Portugezen voor zoveel Portugal

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*