Pastapipo’s

Wat zijn die Italianen een watjes. De pastapipo’s stonden te bibberen met hun lange broeken, truien en jassen aan de promenade langs de Adriatische Zee. Na een extreem verfrissende duik aten wij onze döner in t-shirt en met natte zwembroek. De golven beukten wild tegen de in duisternis gehulde kust, maar in een poel achter rotsen die de kracht van de zee braken, vonden we toch een zwemgelegenheid op deze uitgaansavond. De techno dreunde onophoudelijk uit de boxen van de dönerkraam aan het strand. Veel meer hoefden we niet te zien van Giovinazzo. In Bari worden al je spullen gestolen, wisten we van Slovenen, dus we konden de zwembroek beter te drogen hangen en de volgende ochtend weer vroeg in onze vertrouwde Golf stappen – als die er dan nog zou staan.

Meest Serene Republiek San Marino (GC)

Op het programma stond de leukste rit van de hele tour. Na negen minuten reden we de A14 op. Na 528 kilometer namen we afslag Rimini Sud richting San Marino. Ruim vijfhonderd kilometer rechtdoor over dezelfde weg, met uitzicht over de Adriatische Zee in bij vlagen stralend weer. Zelfs de Italianen werden vrolijk van een weg waarover je zo heerlijk kunt cruisen. Mensen groetten ons vriendelijk op tankstations, waar ze tot onze verbazing in de rij stonden om pakken pasta te kopen. Wij hadden meer behoefte aan een magisch boompje dat onze neusgaten wat verlichting schonk. Nog altijd hadden we niet alle meegenomen cd’s gehoord en Jaap had zelfs nog af en toe een nieuwe mop voor ons. “Komt een man bij de bakker: ‘Ik heb je moeder geneukt!’ Zegt de bakker: ‘Donder op pa, ik ben aan het werk!’”

Nog geen zes uur later reden we San Marino binnen. Een futuristisch ogende, metalen boog met de woorden ‘Benvenuti nell’antica terra della libertà’ heette ons welkom in de Meest Serene Republiek San Marino. Veelbelovend, maar na deze opmaat volgde industriële bebouwing die in niets afweek van industrieterreinen elders in Europa. Hiermee leek ons zesde Kleine Land het lelijkste te zijn uit de rits. Met de nodige moeite vonden we de camping met de al even nietszeggende naam Centro vacanze San Marino. Inderdaad, de enige camping van het land, aan de rand van Borgo Maggiore. We vroegen het meisje bij de receptie hoe we hoofdstad San Marino konden bereiken. Te voet. Zelfs in Kleine Landen doen ze daar niet aan en het meisje had geen idee hoe ver het was. Zoals ze ons verteld had gingen we rechtsaf bij de garage, richting de McDonald’s en verder wisten we het niet meer want we hadden alle vier eigenlijk alleen naar haar borsten zitten staren.

Buig voor de Grote Dalmuti (JW)

Nu was ons doel niet al te moeilijk te vinden, want het stadje was bovenop de 739 meter hoge Monte Titano gebouwd. Er hingen flink wat wolken boven de enige berg in de wijde omtrek. Over San Marino las ik slechts één reisverhaal en daarin was het zwaar bewolkt. Toen broer Coen dit landje bezocht regende het pijpenstelen. Het waren slechte voortekenen allemaal. De kabelbaan die Borgo Maggiore en San Marino met elkaar verbond was meteen onze vuurdoop voor het alomtegenwoordige consumentisme dat dit land in een ijzeren greep houdt. Alles draait hier om ééndagstoerisme en souvenirs. Om de tijd te doden voor we naar boven mochten, kochten we wat ansichtkaarten met hartjes om San Marino en veel vrouwelijk bloot. Het sturen van kaartjes naar Vacuoles met daarop de vriendelijke tekst ‘HAG’ is nog altijd een traditie onder de sympathiekere biologiestudenten.

Niet alle souvenirs waren zo onschuldig. Jaren geleden stond mijn studentenkamer in Nijmegen vol bierflesjes met de meest originele en aparte etiketten, maar Führerbier ging mij toch een stapje te ver. Naast Hitlerbier puilden de stalletjes in San Marino uit van fascistische curiositeiten als saluerende Mussolinibeeldjes en white power t-shirts. Verder veel wapens. Waar je ook keek, overal hadden ze messen, pistolen, werpsterren, kruisbogen en andere legerattributen in de aanbieding. Het was zondag en San Marino kon de hordes lelijke, kooplustige toeristen nauwelijks baas. Wat een verschrikking. Tussen de zoveelste tenten die zich specialiseerden in aftershave en zonnebrillen in doken we dan maar een slijterij in. Whisky van vijf euro per fles, meloenlikeur en bier met tetten op het etiket. Dit was dus de Meest Serene Republiek.

Verdedigingstoren Montale, diep in San Marino (JS)

Hoe verder we ons van de kabelbaan, het Piazza della Libertà en het Antico Monastero San Chiara waagden, des te leuker werd San Marino. We lieten de homofiele kanteeltjes (frivole kantelen met spitse boogjes die je in heel Italië, Vaticaanstad, San Marino en Slovenië ziet) achter ons. Ook de verkopers van fascistische memorabilia leken uitgeselecteerd bij het belopen van afstanden groter dan honderd meter van het stadscentrum. Na La Rocca, de eerste van drie verdedigingstorens die volstonden om het 61 km² grote landje te beschermen tegen vreemde mogendheden, heerste relatieve rust. Langs de stadsmuren lopend bereikten we La Cesta, het tweede verdedigingsbolwerk en het aangezicht van San Marino. Balancerend boven een diepe afgrond van grijze rotsen leunde dit 13e-eeuwse fort tegen het groene loofbos dat Monte Titano hier bedekte. Een indrukwekkend bouwwerk dat in menig sprookje niet zou misstaan.

De paadjes die hier door het bos kronkelden nodigden uit om op ontdekking te gaan, waarbij Daan steevast de minst verstandige beklimmingen en afdalingen uitzocht en wij de fles meloenlikeur verkozen in afwachting van zijn eventuele terugkeer. De lucht was inmiddels helemaal open getrokken. Stralend zomerweer was ons deel bij Montale, de derde en laatste verdedigingstoren. Meer was er niet te zien in San Marino, maar buiten het afschrikwekkend commerciële centrum was dit land best de moeite waard. Buiten de verkopers gerekend waren de Sanmarinezen ook bijzonder aardig – zelfs in het verkeer. Daarin onderscheidde dit land zich misschien nog het meest van de pastapipo’s net over de grens, maar verder was het hier net Italië in het klein. In ons beste Italiaans bestelden we nog een pizza, onderweg naar de camping. Nog één Klein Land en onze tour zat er alweer op.

Ineens mag er niks meer
Heb je niks sterkers dan factor 50?

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*