Te veel Lord of the Rings gekeken

Hortend en stotend kwam het vliegtuig tot stilstand. Waren we soms van de landingsbaan afgestuiterd, op een zandpad of grasveld terechtgekomen? Een blik naar buiten bood geen uitsluitsel. Een lange, aaneengesloten tijd was er tijdens de nachtelijke vlucht geen enkel licht door het raam te zien geweest. De Kaukasus. Daarna werd de landingsprocedure ingezet, met tot nu toe onduidelijk resultaat. Links en rechts van ons ontsnapte ingehouden adem, werd de stilte gevuld met gemor of opluchting. Ons toestel taxiede niet lang. Snel kwam de verlichte terminal van Tbilisi in beeld. Niet groot, wel nieuw. En het was toch echt asfalt waar we over reden.

Het was het holst van de nacht. Wat een goed idee, om het vliegtuig om tien over drie te laten landen. Lekker rustig? In een tijdspanne van enkele uren voor en na onze vlucht landden alle vliegtuigen uit het westen. Taxichauffeurs beleefden gouden tijden; een bus zou niet rijden tot half zeven. En de Georgiërs zelf dan? Wel, het leek vandaag nationale familiedag te zijn in het land. Hordes uitgelopen Georgiërs stonden paraat om lang gemiste familieleden van het vliegtuig op te wachten. Er was geen doorkomen aan. Al tijdens de vlucht raakten we in gesprek met een Georgische. Maia woonde in St. Petersburg, helaas, in het vermaledijde Rusland. Wat was ze blij de vernederingen aldaar voorlopig achter de rug te hebben en de grens over te zijn. Erg goed waren de verhoudingen tussen Georgië en die Russische eikels op dit moment niet te noemen, vertelde ze ons. Voor even hoefde ze zich er geen zorgen over te maken als paria over straat te moeten lopen, want de komende weken zou ze bij haar familie doorbrengen. Jammer dat we van plan waren zo kort in Tbilisi te blijven. Ze had ons graag uitgenodigd voor khachapuri.

Optrekjes in Tbilisi (EH)

Drieëneenhalf uur na onze landing wandelden we zo zoetjesaan eens naar buiten. Op zich slim bedacht om elke westerling een taxi te laten nemen, maar wat moet je om vier uur ‘s nachts in een onbekende stad? Dan liever wachten tot zonsopkomst en de eerste bus, die uiteraard te laat vertrok, nemen. Een dor steppelandschap scheidde het vliegveld van de hoofdstad. Pompeuze Sovjetgedenkbeelden (of waren ze nu juist van daarna?) en reclame voor Coca Cola in merkwaardige tekentjes versterkten het gevoel verder van huis te zijn dan ooit tevoren. En dan de veegsters – wat waren het er veel! ‘s Ochtends om zeven uur was er al een heel schoonmaakleger in de weer om de brede boulevards die de toegang tot Tbilisi vormden van hun vuil te ontdoen. Zou het hele land zo proper zijn? Neen, kan ik hier reeds verklappen. En waar wordt dat duidelijker dan op Vagzalis Moedari, bij het centrale station van Tbilisi?

Het station zelf was van een adembenemende absurditeit. Sovjet-extravaganza in extremis. Voor degenen die bekend zijn met de originele Star Wars films: stel je voor dat er op de woestijnplaneet Tatooine een treinstation had gestaan. Het had er niet anders uitgezien. Een kakofonie, opstijgend uit de kelen van verkopers met karretjes vol bederfelijke waar, reizigers met de in Oost-Europa omnipresente geruite, plastic tassen en omaatjes die klaagden, handelden of gewoon hun tijd uitzaten temidden van rondslingerend vuil, markeerde het begin van een nieuwe dag. Dankzij onze Bradt reisgids liepen we zonder fout naar het guesthouse van Irina Japaridze. De flatgebouwen oogden onverzorgd, de straten waren vies en warm. De Georgiërs zelf alleen dat laatste.

De tent zat goed vol bij Irina. Vooral Polen en Israëliërs hadden de weg naar haar etablissement gevonden. Eerstgenoemde waren nieuw en kwamen net als ons met AirBaltic; laatstgenoemde waren al langer terugkerende gasten in Georgië. En verrassend is dat niet te noemen. Pak er de atlas maar eens bij. In een steeds grotere kring om Israël bewegend is Georgië het eerste land dat je tegenkomt waar die lui geen ruzie mee hebben. Na een dutje en een ontbijt gingen we de stad in. Zelfs Bavaria werd in dat domme alfabet geschreven. Men had hier echt teveel Lord of the Rings gekeken. Toch, volgens taalkundigen hebben de verraderlijke slangen die tezamen het Georgische schrift vormen met de taal der Elfen weinig van doen. De taal staat alleen en schijnt nogal bijzonder te zijn. Hooguit het Armeense alfabet lijkt er iets of wat op, maar daar koop je weinig voor. Dat levert hooguit stof voor gesteggel op, en daaraan is in de Kaukasus toch al geen gebrek.

Narikala citadel (EH)
Welk alfabet het oudst is zou Eva en mij worst wezen, want we hadden intussen alweer wat nieuws gevonden om ons over te verbazen. Op een marktje nabij het oude centrum werd een keur aan Sovjetmemorabilia aangeboden. Vlaggen met Lenins beeldtenis, helmen, medailles, vliegeniersbrillen en schilderijen van Stalin – die hier overigens nog een hele meneer is. Stalin was afkomstig uit Georgië en zonder twijfel een ‘sterke’ man. Een gedreven vakbondsleider, de Houdini van Siberië, waar hij steeds uit wist te ontsnappen, daarna een hele tijd niks en toen ging ie dood. Stalins verhaal in een notendop, of althans de versie die zijn Georgische fans zich graag herinneren.

Tbilisi volgt de kronkelende loop van de Mtkvari. De ganse vallei was ongeordend volgeplempt. Inmiddels woonde één derde van de vier miljoen inwoners die het land telde in de uit zijn voegen gebarsten hoofdstad. Kerken in dezelfde, typerende stijl (al dan niet met gouden puntdak) verrezen schijnbaar net zo lukraak verspreid uit de stad als de inderhaast opgeworpen nieuwbouw buiten het historische centrum. Onze eerste attractie hier was de Hangar Bay: een Irish pub waar rugby – en dan met name het nationale team, de Lelos – erg populair was. Helaas werden er geen rugbyshirts verkocht, maar Georgisch bier hadden ze wel: Natakhtari. Weer zo’n naam die rechtsreeks uit de pen van Tolkien gekomen zou kunnen zijn. Natakhtari, Ushguli, Borjomi-Kharagauli… en dan heb ik het hier nog niet eens over de oorlogstorens, vuurbakens en drinkhoorns. Het is dat hele streken elektriciteit en masse hebben afgezworen na de val van het communisme (want zeg nou eerlijk, wat heeft elektriciteit ons ooit voor goeds gebracht?), maar ik herhaal nog maar eens dat de Georgiërs de films van Peter Jackson een keer of drie, vier te vaak hebben gezien.

Daar wij al die fantasy-nonsens ook best leuk vinden gingen we gewoon door naar de Narikala-citadel.Een stenen vesting die het uitzicht boven Tbilisi domineert. Kerken uit de 12e en 13e eeuw flankeerden het Perzische fort uit 360. Kerken waar je niet zomaar de klok mocht luiden, al hing deze er nog zo verleidelijk bij. Wij Nederlanders weerstaan dan de verzoeking, maar dat kon niet van iedereen worden gezegd. Een woedende priester rende naar buiten om een stoute toerist de les te lezen. Aan de andere kant van het fort tsjirpten de krekels onverstoorbaar verder. Hier hield de stad op, vulde een bos de kleine vallei en de hellingen van de heuvels. Moeder Georgië, een smaakvolle aluminium kolos van twintig meter hoog, waakte over de stad aan haar voeten.

Kartlis Deda (EH)

Eva verbaasde zich er inmiddels over dat ik na een paar uur mijn eerste drie woorden Georgisch onder de knie begon te krijgen. “Gamarjobat, nakhwamdis, madlobt,” prevelde ik in mezelf. Het leek inderdaad nergens op. En vind maar eens een Wat & Hoe Georgisch. Gelukkig zijn de Georgiërs erg behulpzaam. Zodra ze zien dat je toerist bent (wat in mijn geval vanaf pak ‘m beet een meter of 600 is, met mijn lengte, lange haren en korte broek) beginnen ze in het Russisch, om je vervolgens glazig aan te kijken als je bekent dat je dat ook niet machtig bent. Iedereen in de hele godvergeten Sovjetunie sprak Russisch – waar slaat het op dat jij die taal niet spreekt? Maar vriendelijk blijven ze, al werd er wel eens vol ongeloof gelachen. Een buitenlander die wel dankjewel in het Georgisch kan zeggen, maar geen Russisch spreekt!

Via de beroemde Metekhi-kerk, de caravanserai, de Sioni kathedraal en verscheidene nauwe steegjes bereikten we het Tavisuplebis Moedani, wat zoveel betekent als het vrijheidsplein. Heel aardig allemaal, zeker niet spetterend en één dag in de stad zou wat ons betreft eens te meer volstaan. Eva zette door en daagde me uit te gaan eten in Lotos. Let wel: een vegetarisch restaurant. De gedachte alleen al deed me huiveren. We waren hier in de schaapetende landen en mevrouw moest zo nodig naar de enige vegetarische uitspatting van Tbilisi en waarschijnlijk het hele land. Iets zei me voor één keer niet zo moeilijk te doen en gewoon toe te geven. Dat bleek een verstandige keuze. Lotos was een vegetarisch lachertje waar niet eens salades werden geserveerd. Aardappelprut en vleesloze pizzaatjes. En bier werd er niet geschonken, hoewel het buiten fucking 35 °C was. Eva was zo eerlijk haar fout toe te geven (dat dan weer wel) en de rest van de vakantie werd er gewoon vlees gegeten.

Op het station wilden we vragen of het echt niet mogelijk was de volgende dag per trein naar Marelisi te reizen. Volgens Irina van het guesthouse was dit pertinent onmogelijk. We maakten ons op voor een Oost-Europees robbertje bureaucratie ergens aan de vele balies, maar wat een service! De kerel achter het raampje sprak louter Russisch. “Kom binnen!” gebaarde hij uitnodigend. Ik schreef wat kronkeltjes op papier om onze bedoeling te verduidelijken. Marelisi, khwal dilit, noteerde ik in hun macaronitaal, tot groot vermaak van de man. Tekeningetjes van Eva erbij en we hadden onze tickets. Hoe on-Oekraïens! Zelfs Roemenië moest zich schamen bij zoveel hulpvaardigheid. Voor vier lari de man zaten wij morgen in de trein. Maar eerst moesten we een feest in het guesthouse doorstaan. Vieze hippie-Israëliërs, iets minder vieze wijn en Polen met ADHD en/of eczeem. Irina wilde iedereen met de vlag van zijn of haar land op een groepsfoto hebben. Ze had een bonte verzameling in het vertrek hangen, maar de Nederlandse vlag ontbrak. Dan maar een Estse voor de blauwe baan en de Polen een vlag afhandig maken. Die hadden er toch twee. We konden op weinig coöperatie rekenen bij het maken van onze vlag. Die Polen hebben ook geen humor. Blij toe dat we deze drukte gauw zouden ontvluchten.

Kleine Kaukasus, grote bulten
De grønne slagtere

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*