Woede

Het was lang geleden dat ik me zo beroerd had gevoeld. Van de voorgaande avond wist ik niet veel meer. “En we hebben helemaal geen water op onze kamer,” klaagde ik tegen Gijs. Het Oekraïense kraanwater vertrouwde ik niet. Even later kwam Daan als reddende engel met een klein flesje binnen. “Dankjewel,” kreeg ik nog net uit mijn uitgedroogde strot, voor ik het flesje gulzig aan mijn lippen zette. Samogon. Ik wist niet hoe snel ik naar de wastafel moest. Zoete wraak – na jaren geleden met een petfles palincă olie op het vuur te hebben gegooid toen Daan een fikse kater had, pakte hij me nu keihard terug.

Al 25 jaar een puinhoop (JS)

Ik kon moeilijk boos op Daan zijn. Woede en wraak waren eigenlijk niet aan ons besteed. Toegegeven, Daan was wel eens zo boos op de wereld dat hij een gat in een deur had geslagen en Gijs riep trots dat hij onlangs nog iemand onderuit had geschopt, maar door de bank genomen zijn wij toch vrij schappelijke jongens. Hooguit heb ik wat moeite met het geven van een tweede kans, al was ik in het geval van Schotland twee jaar en Oekraïne twee dagen geleden wat blij dat ik mijn bedenkingen aan de kant had gezet.

Misschien konden de Transnistriërs ons wat leren op dit vlak. Generaal Alexander Lebed van het 14e Sovjetleger vatte met één uitspraak mooi samen van hoeveel wederzijds onbegrip hier sprake was: “Als jullie hooligans uit Tiraspol en fascisten uit Chișinău niet stoppen met elkaar afmaken, dan schiet ik jullie allemaal overhoop met mijn tanks!” Klassieke Russische tact. Ook nu, 25 jaar na het begin van het conflict waarin Transnistrië zich afscheidde van Moldavië, waren er nog altijd duizenden Russische militairen en vredeshandhavers in het schertsstaatje gestationeerd. “Look at them, peacefully watching over us with their big guns,” merkte onze gids Andrey schamper op. “And here, when we enter my country, we pass the Russian tanks, also peacefully pointed at us.”

In 1990, toen de Sovjetunie onder de in Rusland verachte Michail Gorbatsjov uiteen viel, werd in Tiraspol de Transnistrische Moldavische Socialistische Sovjet Republiek (Приднестровская Молдавская Советская Социалистическая Республика of PMSSR) uitgeroepen. Transnistrië was in 1940 in het Molotov-Ribbentroppact met Bessarabië samengevoegd tot de Moldavische Socialistische Sovjet Republiek. Toen de MSSR in 1989 het Russisch als officiële taal schrapte en overstapte op het Latijnse schrift en een jaar later het Roemeense volkslied en de Roemeense driekleur met daarop het wapen van Moldavië overnam, vreesde de overwegend Russische en Oekraïense bevolking van Transnistrië voor een hereniging van Moldavië met Roemenië. “Wat goed dat jullie Приднестровье als land op jullie shirt vermeld hebben,” vond Andrey. Officiële instanties waren minder scheutig met het erkennen van Transnistrië en andere kersverse Sovjetrepublieken zoals Abkhazië, Zuid-Ossetië en Nagorno-Karabach. Twee maanden lang ging het min of meer goed; toen vielen de eerste doden.

Ik voel me gelijk een stuk potenter (JS)

In 1991 riep Moldavië de onafhankelijkheid uit. Het land verklaarde het Molotov-Ribbentroppact nietig, maar maakte desalniettemin aanspraak op het in dit pact aan Moldavië toegekende Transnistrië. De PMSSR bood zichzelf nog aan Oekraïne aan, maar daar zaten ze niet op 4200 km² probleemgebied aan de Dnjestr te wachten. Na inmenging van Roemenië en Rusland duurde het niet lang voor de boel volledig dreigde te escaleren. Met de teller op bijna duizend doden en met het op de rechteroever gelegen Bender inmiddels onder controle van het nu als PMR (Приднестровская Молдавская Республика) door het leven gaande Transnistrië kwam er een staakt-het-vuren tot stand. “Wacht even… rechteroever?” vroeg ik Andrey. “Bender ligt toch ten westen van de Dnjestr? Of bedoel je…” Onze gids maakte de zin voor me af: “Ja, ik bedoel vanuit Rusland gezien.” Natuurlijk. Hoe konden we zo onwetend zijn.

De republiek vierde dit jaar zijn 25-jarig bestaan, lazen we op grote billboards in de hoofdstad. Met een eigen vlag, eigen grensposten, een eigen regering en eigen Transnistrische roebels is het land de facto onafhankelijk. Maar een oplossing was er nog altijd niet. In ieder geval werd er weer onderhandeld over de mogelijke scenario’s: volledige onafhankelijkheid, een federatie tussen linker- en rechteroever op Bosnische leest, Transnistrië als Moldavische regio met een verregaande mate van autonomie of eenvoudig als deel van Moldavië. Maar veel zouden de onderhandelingen niet opleveren, temperde Andrey onze verwachtingen. Tiraspol nam met minder dan onafhankelijkheid geen genoegen. Voor Moldavië vormde het bevroren conflict simpelweg geen prioriteit. Het land had andere sores, zoals een waardeloze economie, werkeloosheid, emigrerende inwoners, corruptie en een Europese droom met de nadruk op dat laatste woord.

Dat klinkt semi-professioneel! (GC)

“Va fi mai bine… în Uniunea Europeană”, las Andrey voor van een reclamebord. Het wordt beter… in de EU. “Moldavische politici hebben geen fantasie!” Een maand eerder hingen er affiches van een andere partij: Het wordt beter… met ons. “Transnistrië is punt acht op de agenda,” vertelde Andrey. In Reizen Waes beweerde Tom Waes dat er op heel internet maar één gids voor zijn land te vinden was. Het leek me stug – krap een maand eerder had ik zelf gezocht en ik vond al snel de website van Transnistria Tour. Maar Tom had gelijk: Andrey stak achter het initiatief van Transnistria Tour en met alle horrorverhalen over afpersing aan de niet-erkende grens leek het ons niet onverstandig ons door Andrey op te laten halen in Chișinău.

De Transnistrische grens bleek echter niet meer dan een formaliteit en al snel stonden we in Bender (ooit bekend onder de welluidende naam Tyagyanyakyacha). Onze eerste stop: het oorlogsmonument van de stad. In deze time warp terug naar de Sovjetunie was een oorlogsmonument natuurlijk niet compleet zonder eeuwige vlam, tank met fier wapperende Transnistrische vlag, pompeus bouwwerk en lijst met hen die vielen in de strijd tegen de Moldavische nationalisten. En een standbeeld van hun held, generaal Lebed. Andrey verzweeg de uitspraak over hooligans en fascisten en koos liever voor een andere quote: “Vandaag Bender, morgen Chișinău, overmorgen Boekarest!”

Hier staat ie nog gewoon (JS)

Het klonk strijdvaardig, maar Andrey kwam op me over als iemand die nadacht over het leven, bepaald niet conservatief was ingesteld en ja, misschien zelfs wel als een kosmopoliet. Misschien wel de enige in heel Tiraspol – of kwam het misschien door zijn voorliefde voor vreemde talen? “Ik wil graag druiven kopen,” lachte hij. Andrey sprak Russisch, Duits, Engels, Roemeens en verbeterde Jaap zelfs in het Zweeds toen die zijn stokpaardje over Zweedse meisjes van stal haalde. Op de Shevchenko Transnistrië Staatsuniversiteit had hij lesgegeven in het Duits en het Engels, tot hij van school werd getrapt omdat hij alle studentes had geneukt. Ja, Andrey was een potente jongen. Hij nam ons mee naar een met onkruid overwoekerd betonnen pleintje voor wat Sovjetgymnastiek, waarbij de shirts al snel uit mochten. Na wat push-ups waagden we ons direct aan de brug met gelijke leggers voor bijzonder complex ogende buikspieroefeningen, waarna we snel overgingen op pull-ups, oefeningen voor onze triceps en lenigheidsoefeningen aan een metalen rek.

“Als jullie drie maanden bij mij in Tiraspol zouden wonen, zouden jullie een stuk dunner zijn. Of toch in ieder geval potenter!” Dit om de twee dagen en je potentie schoot omhoog, beweerde Andrey. “Wij eten veel eieren,” refereerde ik aan ons ontbijt vanochtend. “I am not saying not to do this,” drukte Andrey ons op het hart. Sterker nog, bij de lunch kregen we groene borscht met kwarteleitjes, naast bleekgroene selderijdrankjes, kvas en auberginetaartjes met rode uien van de Krim. “Maken de vrouwen in Nederland ook lunch voor jullie?” wilde Andrey weten. “Ja,” antwoordde ik, “maar het is net zo vaak andersom.” In Transnistrië waren de sekseverhoudingen nog behoorlijk traditioneel. “Ik neem aan dat de twee politieke partijen in jullie land, Возрождение (Wedergeboorte) en Обновление (Vernieuwing) hier verandering in willen brengen?” vroeg ik. Andrey moest hier hard om lachen. Nee, Transnistrische politici hadden geen fantasie. Bovendien: de vrouwen maakten lunch, hij deed zijn oefeningen elke twee dagen en iedereen was blij.

Behalve ijzeren buikspieren had onze gids ook een zachte kant. In zijn Sovjetappartement speelde hij op zijn accordeon voor ons en vervolgens een melancholisch lied van Michail Krug, één van de grondleggers van de blatnaya pesnya, op de gitaar. Dit had van mij veel langer mogen duren, maar we hadden een tour af te werken. Behalve gymnastiek, selderijdrankjes en gevoelige liedjes bestond onze Sovjettour vooral uit monumenten en gebouwen die je bij een Sovjettour zou verwachten. Nu had ik vooraf gelezen dat je in Transnistrië geen foto’s van gebouwen, standbeelden, monumenten, personen en bepaalde objecten mocht maken. Andrey nam dit weinig serieus – alleen het rode parlementsgebouw lag een tikje gevoelig. En zelfs als je dat fotografeerde kwam je ermee weg: “The police will politely ask you to delete your picture. And then they will politely beat you to the ground.” Voor de zekerheid fotografeerden we Lenin met zijn wapperende jas zo dat het parlementsgebouw net niet op de foto stond.

Is dit de Sovjettour? (GC)

“Voor het moederland!” lazen we op de tank tegenover het parlementsgebouw. Een billboard met de stichtende tekst “Hou van je stad!”, een andere met “25 jaar Transnistrië”, een Neo-classicistisch Dom Sovetov – Transnistrië maakte alle stereotypen waar. En met helden als Alexander Suvorov, de stichter van Tiraspol, zou het land nooit vergaan, riep Andrey strijdlustig uit. Sterke leiders, daar houden de Russen wel van. Gorbatsjov was een lafaard, Jeltsin een dronkenlap en hoewel Poetin geen persoonlijke favoriet was, kreeg hij wel alle respect van Andrey. Volgens hem kon Rusland momenteel moeilijk een andere koers varen in Oekraïne. De Oekraïners pleegden broedermoord door etnische Russen het leven zuur te maken, bijvoorbeeld door Russisch af te schaffen als officiële taal. De vergelijking met Transnistrië eind jaren ’80 was snel gemaakt. “Hoe is het nu in Oekraïne?” wilde Andrey weten. “Zijn er overal bandieten actief?” Met een Transnistrisch kenteken durfde hij het in ieder geval niet aan de grens over te steken. Met de vele Russische soldaten op hun grondgebied was Transnistrië op dit moment niet Oekraïnes grootste vriend.

Nee, een oplossing voor het Transnistrische conflict lag niet binnen handbereik en was met de huidige geopolitieke ontwikkelingen misschien zelfs verder weg dan ooit, maar ik was blij dit minuscule restant van de Sovjetunie eindelijk met eigen ogen aanschouwd te hebben. Opgepropt in een marshrutka verlieten we Tiraspol met rugzakken vol spotgoedkope wodka, UAZ-speelgoedbusjes en Transnistrische vlaggen. Een land dat berucht was om corruptie, chantage en intimidatie van buitenlanders leek nu meer open dan ooit tevoren; woede en haatgevoelens tussen Moldaviërs en Transnistriërs over en weer leken – althans oppervlakkig – plaatsgemaakt te hebben voor berusting en desinteresse. Aan de grens hoefden we alleen het in ons paspoort gevouwen registratiebriefje in te leveren voor we verder konden reizen. Misschien moesten we voor opgekropte frustraties en woede toch bij mijn vriend Florin in Roemenië zijn. Het was na drie dagen Tour in ieder geval hoog tijd om eens naar ons vierde land te rijden.

Hebzucht
Gulzigheid

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*