Zuiver land

“Als ik in jullie land woonde, dan zou ik op Wilders stemmen,” zegt Najdo. “Hij komt voor jullie belangen op. Ik wil, net als hij, in een zuiver land wonen.” Najdo, met wie we de avond in ons guesthouse doorbrengen, kan moeilijk verkroppen dat Macedonië niet meer dan een schim is van het land dat het ooit was. Een deel van het land wordt volgens hem bezet door Bulgarije. “Bulgaren zijn het ergst. Ze zien ons als reserve-inwoners van hun land.” De Grieken zijn niet minder erg: maar liefst 51% van Macedonië ligt in het tegenwoordige Griekenland. Van de zuiderburen mogen ze hun land niet eens noemen zoals ze zelf willen. Het overgebleven stukje land waar ze hun op verzoek van Griekenland aangepaste vlag wel mogen laten wapperen, moeten de Macedoniërs delen met een grote groep Albanezen.

“Verschillende etnische groepen in één land, dat is vragen om problemen,” vervolgt Najdo zijn betoog. “Met Servië hebben we wel goede banden. Maar met Servië heb ik dan weer erg weinig.” Erg veel vrienden heeft Najdo niet. Het liefst zou hij verhuizen naar Kroatië – à propos een land dat tot de laatste snik bondgenoot bleef van Nazi-Duitsland. “Leven in een etnisch zuiver land, dat moet fantastisch zijn,” vat Najdo samen. “Je bedoelt zoals in Kosovo?” vraag ik, een tikje provocerend. “Nee, natuurlijk niet zoals in Kosovo!” roept Najdo geïrriteerd. “Albanezen en Macedoniërs leven hier langs elkaar heen. Moslims zijn totaal niet flexibel.” Macedonië voor de Macedoniërs, dat is wat hij wil. Ik denk dat zijn held Wilders maar matig enthousiast zou zijn over de Balkanmentaliteit van drie uur per dag werken en vijf uur lang koffie drinken, waar Najdo trots over vertelt.

Die Balkanmentaliteit, daar houden wij ook van. In nationaal park Pelister groet iedereen elkaar, je krijgt hier zoveel rakija, huisgemaakte wijn en pepers als je maar wilt en dat het hier een aangename twaalf graden koeler is dan aan de Griekse kant van de grens is ook niet verkeerd. Maar met zijn controversiële standpunten is Najdo geen gemakkelijke gesprekspartner. Ik begrijp waar zijn frustraties vandaan komen. Najdo’s oplossing voor alle problemen die Macedonië heeft kan op weinig bijval van ons rekenen, maar dát er problemen zijn is ook voor vluchtige bezoekers als wij overduidelijk. Delen van de ringweg om Skopje zijn deze week door noodweer weggespoeld. De ravage in de stad is enorm en overstromingen hebben aan minstens 21 mensen het leven gekost. In de hoofdstad is de noodtoestand uitgeroepen. Dat de waterval in de lobby van ons Jugohotel vooral opvalt door een constant zoemen van de generator en de vloerbedekking sinds 1994 niet is vervangen mogen vermakelijke voorbeelden zijn van achterstallig onderhoud in dit land; de situatie in Skopje is dat allerminst.

Er is geen geld om de problemen in Macedonië aan te pakken. Veel Macedoniërs werken noodgedwongen in het buitenland. Werk in eigen land is er simpelweg niet. Al helemaal niet in de dorpen: iedereen trekt naar steden als Skopje en Bitola. Hele dorpen liggen er verlaten bij. Maar ook Bitola, de tweede stad van het land, hoeft niet op geld uit de hoofdstad te rekenen. De mozaïeken van het Romeinse Herakleia Lynkestis liggen te verpieteren onder een laag modderig water. “Dit jaar kregen we geen subsidie voor ons museum,” verzucht de enige medewerker die we in het uitgestrekte complex aantreffen. “Of we volgend jaar wat krijgen is maar de vraag.” De vitrines zijn grotendeels leeg; spinnenwebben verzamelen zich om twee millennia oude beelden. “Alle subsidies van de overheid gaan naar Skopje. Voor de moderne beelden daar is genoeg geld.”

Als er een keer ergens geld voor is, dan komt het van de Europese Unie. In Monospitovo Blato, een moerasgebied met schildpadden, otters en visetende spinnen, is een aantal jaar geleden een netwerk van houten paden aangelegd, compleet met vogelhutten en vuilnisbakken met verschillende compartimenten om afval te scheiden. Maar geld voor onderhoud is er niet. De houten paadjes zijn overwoekerd door een ondoordringbaar oerwoud van riet. De planken die er nog liggen zijn rot of hellen vervaarlijk. Van het unieke natuurgebied is door de wirwar van begroeiing niets te zien. De afvalbakken staan er scheefgezakt bij. Zonder bodem.

In het moerasgebied wemelt het van de muggen en vliegen. De kadaverstank is ondraaglijk. Liever parkeren we onze bus bij de waterval van Kolešino om daar de nacht door te brengen. Ook hier zijn met EU-geld vuilnisemmers geplaatst. Het ziet er keurig uit – tot je honderd meter voorbij de waterval loopt en ziet waar de inhoud van de emmers op één grote hoop in het bos wordt gedumpt. Najdo betreurde het dat zijn land nog niet klaar is voor vraagstukken als het homohuwelijk, legalisatie van softdrugs en milieuproblematiek. Misschien heeft hij wel gelijk. Misschien moet een zuiver Macedonië de prioriteit zijn.

Leren op reis
Met de billen bloot

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*